
De vraag wanneer recht op schadevergoeding ontstaat, is eenvoudig te beantwoorden: zodra een ander aansprakelijk is voor jouw letsel én je daardoor schade lijdt. De hoofdregel staat in artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad): wie onrechtmatig en verwijtbaar handelt en daarmee schade veroorzaakt, moet die vergoeden. In veel letselsituaties geldt bovendien een vorm van risicoaansprakelijkheid, waarbij je geen schuld hoeft te bewijzen. Of jij recht hebt op een vergoeding hangt dus af van de concrete situatie — en juist die situaties zetten we hieronder voor je op een rij.
Die kurze Antwort
- Wat is de basisvoorwaarde: een ander is aansprakelijk (door schuld of door de wet), er is causaal verband, en jij hebt schade.
- Wanneer wél recht: een aanrijding waarbij de ander een fout maakt, een bedrijfsongeval, een medische fout, een hondenbeet of een val door een gebrek dat iemand had moeten verhelpen.
- Wanneer meestal niet: een eenzijdig ongeval dat volledig je eigen toedoen is, of pech zonder dat iemand een verwijt of wettelijke verantwoordelijkheid treft.
- Wat je kunt claimen: alle materiële schade (kosten, inkomensverlies) plus smartengeld voor het leed (artikel 6:106 BW).
- Kosten: in een verhaalbare zaak betaalt de aansprakelijke partij ook jouw redelijke kosten voor rechtsbijstand (artikel 6:96 lid 2 BW).
De drie voorwaarden voor recht op schadevergoeding
Of je nu via onrechtmatige daad of via risicoaansprakelijkheid claimt, drie dingen moeten kloppen:
- Aansprakelijkheid. Een ander heeft onrechtmatig gehandeld (artikel 6:162 BW) of draagt op grond van de wet het risico, ook zonder eigen schuld.
- Causaal verband. Jouw letsel en schade zijn een gevolg van die gebeurtenis — niet van iets anders.
- Schade. Je hebt daadwerkelijk nadeel: medische kosten, gemiste inkomsten, of immateriële schade.
Ontbreekt één van deze, dan is er geen recht op vergoeding. In de praktijk strandt een zaak het vaakst op de aansprakelijkheid: wie heeft hier een fout gemaakt, of wie draagt het wettelijke risico? Dat is precies de vraag die een letselschadejurist voor je beantwoordt. Wil je het juridische recht op een vergoeding in algemene zin doornemen, lees dan onze uitleg over recht op schadevergoeding; in dit artikel kijken we juist naar concrete situaties. En wil je weten welke posten je kunt vorderen, zie schadevergoeding bij letselschade.
Schuldaansprakelijkheid versus risicoaansprakelijkheid
Het verschil bepaalt hoe zwaar jouw bewijslast is.
- Schuldaansprakelijkheid (6:162 BW): je moet aantonen dat de ander een fout maakte die hem te verwijten valt. Voorbeeld: een automobilist die door rood rijdt.
- Risicoaansprakelijkheid: de wet legt het risico bij een bepaalde partij, ook zonder verwijt. Voorbeelden: de bezitter van een dier (artikel 6:179 BW), de werkgever voor veiligheid op het werk (artikel 7:658 BW) en de gemotoriseerde tegenover voetgangers en fietsers (artikel 185 WVW).
Bij risicoaansprakelijkheid sta je sterker: je hoeft geen schuld te bewijzen, alleen dat de situatie onder de regel valt. Dat maakt veel letselzaken kansrijker dan slachtoffers denken.
Concrete situaties waarin je wél recht hebt
Theorie is lastig; herkenbare situaties zijn dat niet. In deze gevallen heb je in de regel recht op schadevergoeding:
- Aanrijding in het verkeer. Een ander rijdt achterop, verleent geen voorrang of opent een portier voor je fiets. Zie ons overzicht over een verkeersongeval.
- Val of beknelling op het werk. Je struikelt over los materiaal, valt van een onbeveiligde steiger of raakt gewond door een machine zonder afscherming — de werkgever heeft een zorgplicht (artikel 7:658 BW). Meer bij bedrijfsongeval.
- Medische fout. Een verkeerde diagnose, een operatiefout of onvoldoende voorlichting (artikelen 7:453 en 7:462 BW). Lees verder over medische fout.
- Hondenbeet of ander dierletsel. De bezitter van het dier is in beginsel aansprakelijk (artikel 6:179 BW). Zie ongeval met een dier.
- Val door een gebrek. Een losliggende stoeptegel, een natte vloer zonder waarschuwing of een gebrekkige trap waar de eigenaar of beheerder iets aan had moeten doen.
- Overlijden van een naaste. Nabestaanden kunnen onder voorwaarden hun schade vorderen, zoals gederfd levensonderhoud (artikel 6:108 BW).
Situaties waarin je meestal géén recht hebt
Eerlijk zijn hoort erbij. In deze gevallen is een claim doorgaans kansloos of beperkt:
- Volledig eigen toedoen. Je struikelt over je eigen voeten op een veilige, droge vloer zonder dat iemand iets nalaat.
- Eenzijdig ongeval zonder aansprakelijke partij. Je slipt op spontaan ontstane gladheid waar niemand op tijd op kon ingrijpen.
- Geen aantoonbare schade. Lichte klachten die volledig herstellen zonder kosten of inkomensverlies leveren zelden een vergoeding op.
- Alleen blikschade, geen letsel. Dat regel je rechtstreeks met je eigen of de andere verzekeraar; daarvoor heb je geen letselschadebedrijf nodig.
Let op een belangrijke nuance: eigen schuld sluit een recht op vergoeding niet altijd uit. Als jij deels heeft bijgedragen aan het ongeval, kan de vergoeding worden verminderd, maar zelden helemaal vervallen. Bij verkeer geldt voor voetgangers en fietsers bovendien extra bescherming (artikel 185 WVW). Schrijf jezelf dus niet te snel af.
Hoe stel je je recht veilig?
Recht hebben is één ding; het ook krijgen is iets anders. Deze stappen vergroten je kansen:
- Leg bewijs vast. Foto’s van de situatie, gegevens van getuigen en de tegenpartij, en een melding bij werkgever, politie of arts.
- Ga naar de (huis)arts. Een medisch dossier koppelt je letsel aan het ongeval — onmisbaar voor het causaal verband.
- Stel de aansprakelijke partij op tijd aansprakelijk. Voor letselschade geldt in beginsel een verjaringstermijn van vijf jaar, maar wacht niet zo lang.
- Laat je zaak beoordelen. Een letselschade-expert ziet meteen of je situatie onder schuld- of risicoaansprakelijkheid valt.
De officiële wetteksten kun je nalezen op wetten.overheid.nl, en op de site van De Letselschade Raad vind je achtergrond over hoe letselschade in Nederland wordt afgewikkeld.
Wat kun je vergoed krijgen?
Heb je recht op schadevergoeding, dan gaat het om meer dan alleen je ziekenhuisrekening. Je kunt onder meer vorderen:
- medische kosten en eigen risico;
- gemist inkomen en verlies aan arbeidsvermogen;
- kosten voor huishoudelijke hulp en aanpassingen;
- reis- en parkeerkosten rond behandelingen;
- Entschädigung für Schmerzen, Leiden und Verlust der Lebensfreude (Artikel 6:106 des niederländischen Bürgerlichen Gesetzbuches).
Hoe je smartengeld wordt vastgesteld lees je in ons artikel over immateriële schade en op de hubpagina smartengeld.
Ehrliche Empfehlung
Niet elke tegenslag geeft recht op schadevergoeding, en dat zeggen we ook gewoon. Heb je geen letsel of is er niemand aansprakelijk, dan kost een procedure je vooral energie zonder resultaat — dan heb je geen letselschadejurist nodig. Maar is een ander wél verantwoordelijk en heb je echt schade, dan laat je vaak geld liggen door het zelf met de verzekeraar te regelen. Verzekeraars beoordelen je claim niet in jouw voordeel. Twijfel je in welke categorie jouw situatie valt? Laat het kosteloos toetsen.
Een gespecialiseerde letselschade advocaat of letselschadejurist vertelt je binnen één gesprek of je recht hebt en wat je zaak waard is. Plan een gratis adviesgesprek of vraag direct een gratis intake aan. Wij beoordelen je zaak kosteloos en claimen je maximale schadevergoeding — in een verhaalbare zaak betaal je daar niets voor.
Häufig gestellte Fragen
Wanneer een ander aansprakelijk is voor jouw letsel, er een verband is tussen die gebeurtenis en je schade, en je daadwerkelijk schade lijdt. De basis ligt in artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad), aangevuld met risicoaansprakelijkheid in veel letselsituaties.
Bij schuldaansprakelijkheid (6:162 BW) moet je een verwijtbare fout van de ander aantonen. Bij risicoaansprakelijkheid legt de wet het risico bij een partij zonder dat je schuld hoeft te bewijzen, zoals bij de bezitter van een dier (6:179 BW) of de werkgever (7:658 BW).
Vaak wel. Eigen schuld kan de vergoeding verminderen, maar laat die zelden helemaal vervallen. Voor voetgangers en fietsers geldt bovendien extra bescherming in het verkeer (artikel 185 WVW). Laat je situatie daarom altijd beoordelen.
Bij een ongeval dat volledig je eigen toedoen is, bij pech zonder aansprakelijke partij, of als je geen aantoonbare schade hebt. Ook puur blikschade zonder letsel regel je rechtstreeks met de verzekeraar.
Naast medische kosten ook gemist inkomen, verlies aan arbeidsvermogen, huishoudelijke hulp, reiskosten en smartengeld voor het leed (artikel 6:106 BW). Een letselschade-expert brengt al je schadeposten in kaart.
Voor letselschade geldt in beginsel een verjaringstermijn van vijf jaar. Wacht niet zo lang: bewijs verdwijnt en herinneringen vervagen. Laat je zaak zo snel mogelijk kosteloos beoordelen.
Nee. De intake en beoordeling zijn gratis en vrijblijvend. In een verhaalbare zaak betaalt de aansprakelijke partij bovendien jouw redelijke kosten voor rechtsbijstand (artikel 6:96 lid 2 BW), zodat onze hulp je niets kost.
Verletzung durch das Werk einer anderen Person verursacht?
Fordern Sie ein kostenloses Erstgespräch an. Wir prüfen Ihren Fall kostenfrei und setzen uns für Ihre maximale Entschädigung ein.
Fordern Sie ein kostenloses Beratungsgespräch an