
Welk schadevergoeding wetsartikel geldt er voor jou? Het fundament staat in artikel 6:162 BW (de onrechtmatige daad): wie door zijn schuld onrechtmatig schade veroorzaakt, moet die vergoeden. Hoeveel je krijgt, bepalen de artikelen 6:95 tot en met 6:97 BW (de omvang van de schade), aangevuld met 6:106 BW voor smartengeld en 6:107 en 6:108 BW voor schade van naasten en nabestaanden. Samen vormen deze artikelen de wettelijke basis waarop een letselschadejurist jouw volledige schade verhaalt op de aansprakelijke partij.
The short answer
- Wat regelen ze: wanneer een ander aansprakelijk is (6:162 BW) en welke schade die ander dan moet vergoeden (6:95-6:97 BW).
- Wanneer van toepassing: zodra een ander onrechtmatig handelde of een wettelijke risicoaansprakelijkheid draagt, en jij daardoor letsel hebt.
- Hoeveel: de wet gaat uit van volledige vergoeding — al je materiële schade plus smartengeld (6:106 BW), zonder vast maximumbedrag.
- Kosten: ook jouw redelijke kosten voor rechtsbijstand vallen onder de schade (artikel 6:96 lid 2 BW), dus die betaalt de aansprakelijke verzekeraar.
Artikel 6:162 BW: de onrechtmatige daad als basis
Bijna elke letselschadezaak begint bij artikel 6:162 BW. Dit artikel bepaalt dat iemand die tegenover een ander een onrechtmatige daad pleegt die hem kan worden toegerekend, verplicht is de schade te vergoeden. Voor een geslaagde claim moeten vier voorwaarden vaststaan:
- er is sprake van een onrechtmatige daad (een inbreuk op een recht, of handelen in strijd met een wettelijke plicht of de zorgvuldigheid);
- de daad is de veroorzaker toe te rekenen (door schuld of op grond van de wet);
- je hebt schade geleden;
- er is causaal verband tussen de daad en jouw schade.
Naast de onrechtmatige daad kent de wet ook risicoaansprakelijkheid: dan hoeft er geen schuld te zijn. Denk aan de zorgplicht van de werkgever bij een bedrijfsongeval (artikel 7:658 BW), de aansprakelijkheid van de bezitter van een dier (artikel 6:179 BW) of de bescherming van fietsers en voetgangers in het verkeer (artikel 185 WVW). Wil je weten of jouw situatie aan de voorwaarden voldoet? Lees dan onze uitleg over schadevergoeding bij letselschade.
Artikel 6:95 tot 6:97 BW: welke schade vergoed wordt
Is de aansprakelijkheid eenmaal vastgesteld, dan bepalen de artikelen 6:95 tot en met 6:97 BW hoeveel je krijgt. De kern is het beginsel van volledige schadevergoeding: je moet zo veel mogelijk in de positie worden gebracht waarin je zou verkeren zonder het ongeval.
- Artikel 6:95 BW bepaalt dat zowel vermogensschade (materieel) als ander nadeel (immaterieel) voor vergoeding in aanmerking komt, voor zover de wet daar recht op geeft.
- Artikel 6:96 BW rekent ook redelijke kosten tot de vermogensschade: kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid én de kosten om je schade buiten rechte vergoed te krijgen — dus de kosten van je letselschade-expert.
- Artikel 6:97 BW geeft de rechter de ruimte de schade te begroten op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is, en zo nodig te schatten.
Onder de materiële schade vallen onder meer medische kosten, gemiste inkomsten, verlies aan arbeidsvermogen, huishoudelijke hulp en reiskosten. Een overzicht van alle posten en hoe je niets laat liggen, vind je in ons artikel over schadevergoeding bij letselschade.
Artikel 6:106 BW: smartengeld voor het leed
Naast je materiële schade heb je recht op een vergoeding voor immateriële schade — het smartengeld. De wettelijke basis daarvoor is artikel 6:106 BW. Dit artikel bepaalt dat je recht hebt op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding wanneer je lichamelijk letsel hebt opgelopen, in je eer of goede naam bent geschaad, of op andere wijze in je persoon bent aangetast.
Smartengeld vergoedt het verdriet, de pijn en het verlies aan levensvreugde — zaken die je niet met een rekening kunt onderbouwen. De hoogte hangt af van de aard en ernst van je letsel en de gevolgen voor je leven. Er bestaat geen vaste tabel; rechters wegen vergelijkbare zaken mee. Hoe dit precies werkt, lees je in ons aparte artikel over immateriële schade en op de hubpagina over smartengeld.
Artikel 6:107 en 6:108 BW: schade van naasten en nabestaanden
Letsel raakt niet alleen het slachtoffer. De wet erkent dat ook anderen schade kunnen lijden.
- Artikel 6:107 BW regelt de verplaatste schade: kosten die naasten maken ten behoeve van het slachtoffer, zoals reiskosten naar het ziekenhuis of zorg die zij overnemen. Sinds de invoering van de Wet affectieschade kent dit artikel ook een vergoeding voor het verdriet van naasten bij ernstig en blijvend letsel.
- Artikel 6:108 BW ziet op overlijdensschade: nabestaanden kunnen onder meer het gederfde levensonderhoud en de kosten van de uitvaart vergoed krijgen, en hebben recht op affectieschade.
Deze artikelen zijn juridisch gevoelig en vragen om zorgvuldige onderbouwing. Een gespecialiseerde letselschadejurist weet welke posten onder welk artikel vallen en voorkomt dat je iets over het hoofd ziet.
Artikel 6:119 BW: wettelijke rente over je schade
Een schadevergoeding wordt vaak pas maanden of jaren na het ongeval volledig uitbetaald. Artikel 6:119 BW geeft je recht op wettelijke rente over het bedrag dat te laat wordt voldaan. Die rente compenseert dat je je geld eerder had moeten hebben. Het is een post die slachtoffers regelmatig vergeten, terwijl die bij langlopende zaken flink kan oplopen. Daarom claimt een goede belangenbehartiger de rente standaard mee.
Van wetsartikel naar uitbetaling: hoe het in de praktijk werkt
De wet geeft je het recht, maar je moet het wel verzilveren. In grote lijnen verloopt dat zo:
- Aansprakelijk stellen. De tegenpartij of diens verzekeraar wordt schriftelijk aansprakelijk gesteld op grond van het toepasselijke wetsartikel.
- Schade onderbouwen. Alle posten uit 6:95-6:97 BW en het smartengeld (6:106 BW) worden vastgesteld, zo nodig met een medisch advies.
- Onderhandelen. De verzekeraar erkent of betwist; jouw belangenbehartiger onderhandelt tot een redelijk eindvoorstel.
- Afwikkelen. De zaak wordt vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, eventueel met een voorbehoud voor toekomstige schade.
De officiële wetteksten lees je na op wetten.overheid.nl. Achtergrond over de schadeafwikkeling en gedragscodes vind je bij de Letselschade Raad.
Waarom de wet kennen niet hetzelfde is als je recht halen
De artikelen zijn openbaar, maar de toepassing is specialistenwerk. Verzekeraars kennen de wet net zo goed als jij — en hebben er belang bij de schade laag te houden. Een ervaren letselschade-expert weet welk wetsartikel in jouw situatie de sterkste basis biedt, hoe je het causaal verband onderbouwt en welke posten vaak worden vergeten. Dat verschil bepaalt vaak duizenden euro’s. Bij een echt letselschadebedrijf werk je met mensen die dit dagelijks doen, aangesloten bij het Nationaal Keurmerk Letselschade. Meer over ons team lees je op de pagina over ons.
Honest recommendation
Heb je alleen materiële schade zonder letsel — bijvoorbeeld blikschade na een aanrijding? Dan heb je de letselschade-artikelen niet nodig; dat regel je rechtstreeks met de verzekeraar. Is er wél letsel door toedoen van een ander, dan is de wet aan jouw kant, maar laat je dan bijstaan. Niet omdat je de artikelen niet kunt opzoeken, maar omdat de onderbouwing en onderhandeling het verschil maken — en omdat die hulp je in een verhaalbare zaak niets kost (artikel 6:96 lid 2 BW). Een letselschade advocaat of jurist is bijna altijd verstandig zodra er blijvend letsel of langdurig inkomensverlies in het spel is.
Wil je weten welk wetsartikel voor jouw situatie geldt en wat je kunt claimen? Plan een gratis adviesgesprek of vraag direct een gratis intake aan. Wij beoordelen je zaak kosteloos en claimen je maximale schadevergoeding.
Frequently Asked Questions
De basis is artikel 6:162 BW, de onrechtmatige daad. De omvang van de vergoeding volgt uit de artikelen 6:95 tot en met 6:97 BW, aangevuld met 6:106 BW voor smartengeld en 6:107 en 6:108 BW voor schade van naasten en nabestaanden.
Artikel 6:162 BW bepaalt dat wie onrechtmatig en toerekenbaar schade veroorzaakt, die schade moet vergoeden. Vereist zijn een onrechtmatige daad, toerekenbaarheid, schade en causaal verband tussen daad en schade.
Smartengeld is geregeld in artikel 6:106 BW. Je hebt recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding bij onder meer lichamelijk letsel. De hoogte hangt af van de aard en de gevolgen van je letsel; er bestaat geen vaste tabel.
Ja. Artikel 6:96 lid 2 BW rekent de redelijke kosten voor het vaststellen en verhalen van je schade tot de schade zelf. De aansprakelijke verzekeraar betaalt die kosten, waardoor onze hulp je in een verhaalbare zaak niets kost.
Ja. Op grond van artikel 6:119 BW heb je recht op wettelijke rente over het bedrag dat te laat wordt uitbetaald. Bij langlopende zaken kan dat aanzienlijk oplopen, daarom claimen wij die rente standaard mee.
De artikelen zijn openbaar, maar de toepassing is specialistenwerk. Verzekeraars kennen de wet en proberen de schade laag te houden. Een letselschade-expert weet welk artikel de sterkste basis biedt en welke posten vaak worden vergeten.
Bij overlijden geldt artikel 6:108 BW: nabestaanden kunnen onder meer het gederfde levensonderhoud, de uitvaartkosten en affectieschade vergoed krijgen. Voor schade en affectieschade van naasten bij ernstig letsel geldt artikel 6:107 BW.
Injury caused by someone else?
Request a free intake. We assess your case free of charge and claim your maximum compensation.
Request a free intake