
Bij bovenarmletsel met blijvend letsel houd je na een ongeval blijvende gevolgen in je arm over: een schouder of elleboog die niet meer volledig beweegt, blijvend krachtverlies, of zenuwuitval waardoor je hand en pols het laten afweten. Is een ander verantwoordelijk voor het ongeval, dan kun je die schade verhalen op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). Omdat het bovenarmbot (de humerus) je schouder met je elleboog verbindt, raakt blijvend letsel de beweeglijkheid van je hele arm — en daarmee je werk en je dagelijks leven. En omdat het letsel blijvend is, draait de zaak vooral om de schade die je de rest van je leven nog oploopt: de toekomstschade. Daarom wikkel je een zaak met blijvend bovenarmletsel pas af als je medische eindtoestand duidelijk is.
Het korte antwoord
- Wat is het: blijvende gevolgen na letsel aan de bovenarm — een beperkte schouder- of elleboogfunctie, krachtverlies of zenuwuitval — die een onafhankelijke arts uitdrukt in een percentage functieverlies.
- Wanneer speelt het: zodra herstel stokt en er een medische eindtoestand is, vaak na een operatie, revalidatie en soms een tweede ingreep.
- Wat kun je claimen: alle blijvende schade — vervolgbehandelingen, fysiotherapie, hulpmiddelen, aanpassingen, verlies aan verdienvermogen en smartengeld — plus de toekomstschade die daaruit voortvloeit.
- Wat het kost: in een verhaalbare zaak niets; de aansprakelijke verzekeraar betaalt ook jouw kosten van rechtsbijstand (artikel 6:96 lid 2 BW).
Wat is blijvend letsel na bovenarmletsel?
De bovenarm geneest lang niet altijd zonder restklachten. Na een gecompliceerde breuk van de humerus, een breuk vlak onder de schouderkop, een gescheurde pees of een beschadigde zenuw blijven er vaak merkbare gevolgen. We spreken van blijvend letsel wanneer die gevolgen niet meer verbeteren en een medische eindtoestand is bereikt. Veelvoorkomende vormen zijn:
- Blijvende bewegingsbeperking van schouder of elleboog: je kunt je arm niet meer volledig heffen, draaien of strekken. Omdat de bovenarm beide gewrichten aanstuurt, kan het letsel de schouder én de elleboog raken.
- Zenuwuitval: bij een bovenarmbreuk kan de armzenuw die langs het bot loopt (onder meer de nervus radialis) beschadigd raken. Dat kan leiden tot een hangende pols, gevoelloosheid of blijvend krachtverlies in hand en vingers.
- Krachtverlies: blijvend verminderde kracht bij tillen, dragen, duwen of reiken, waardoor zwaardere handelingen niet meer lukken.
- Chronische pijn en stijfheid: aanhoudende pijn bij belasting of bij weersveranderingen, ook nadat de breuk is genezen.
- Vertraagde of uitgebleven botgenezing: soms groeit het bot niet goed vast, wat om aanvullende operaties vraagt en de beperking verergert.
Hoe zwaar deze gevolgen wegen, verschilt per persoon en per beroep. Wil je weten onder welke categorie jouw situatie valt? Bekijk het overzicht van letselsoorten, lees onze algemene uitleg over bovenarmletsel of start bij de homepage van Nederland Letselschade.
Hoe wordt het functieverlies vastgesteld?
Blijvend letsel wordt medisch uitgedrukt in een percentage functieverlies (ook wel percentage invaliditeit of blijvende invaliditeit). Dat percentage komt niet uit de lucht vallen: een onafhankelijke medisch specialist beoordeelt je in een eindsituatie en meet daarbij hoeveel graden je schouder en elleboog nog bewegen, en gebruikt erkende richtlijnen. Bij bovenarmletsel spelen daarbij een paar dingen apart mee:
- De bewegingsuitslag van schouder én elleboog wordt gemeten — hoeveel heffen, draaien, buigen en strekken er nog over is ten opzichte van een gezonde arm.
- Bij zenuwuitval wordt onderzocht in hoeverre de kracht en het gevoel in de hand blijvend zijn aangetast, zo nodig met aanvullend zenuwonderzoek.
- Het percentage functieverlies zegt iets over de medische beperking, niet automatisch over je schade in euro’s.
- Wat je daadwerkelijk aan schade lijdt, hangt af van jouw persoonlijke situatie — je beroep, je leeftijd, of je rechts- of linkshandig bent en de mate waarin het je dagelijks leven raakt.
Een letselschadejurist vertaalt de medische beoordeling naar een concrete schadeberekening. Die stap is bij blijvend bovenarmletsel cruciaal en te ingewikkeld om zelf met de verzekeraar te doen. Meer over het beoordelen van de medische kant lees je bij de Letselschade Raad.
Wacht met afwikkelen tot de eindtoestand vaststaat
Bij bovenarmletsel is timing bepalend. Revalidatie na een breuk kost maanden, en zenuwherstel verloopt traag en onvoorspelbaar: een beschadigde zenuw herstelt soms deels, soms helemaal niet. Zolang je nog herstelt of het beeld nog verandert, kan niemand betrouwbaar zeggen wat er blijvend overblijft. Sluit je de zaak te vroeg af, dan loop je het risico dat latere ingrepen of blijvende uitval niet meer vergoed worden. Een goede belangenbehartiger:
- houdt de zaak open totdat er een medische eindtoestand is;
- vraagt waar nodig een voorschot aan zodat je niet in geldnood komt tijdens het traject;
- laat het functieverlies vaststellen door een onafhankelijk deskundige;
- houdt rekening met een voorbehoud voor toekomstige verslechtering, zoals een tweede operatie of blijvende zenuwuitval.
Toekomstschade en kapitalisatie
De grootste post bij blijvend letsel is meestal de toekomstschade: alle schade die je ná de afwikkeling nog oploopt. Bij blijvend bovenarmletsel kan dat gaan om:
- Toekomstige medische ingrepen: een operatie om verklevingen los te maken, verwijdering van osteosynthesemateriaal (platen en schroeven), of een ingreep aan een beschadigde zenuw.
- Blijvende fysiotherapie en revalidatie: onderhoudsbehandelingen om je beweeglijkheid en kracht op peil te houden.
- Hulpmiddelen en aanpassingen: aangepast gereedschap, een spalk of hulpmiddelen in huis en aanpassingen aan je werkplek.
- Verlies aan verdienvermogen: als je door bewegingsbeperking, krachtverlies of zenuwuitval je werk niet meer volledig kunt doen, minder uren maakt of van beroep moet wisselen — vooral bij fysiek belastend werk of werk boven schouderhoogte weegt dit zwaar.
- Huishoudelijke hulp: voor klussen en taken die je met één goed functionerende arm niet meer zelf kunt uitvoeren.
Omdat deze schade zich over vele jaren uitstrekt, wordt hij gekapitaliseerd: alle toekomstige kosten worden omgerekend naar één bedrag ineens, rekening houdend met rente en inflatie. Die berekening is specialistisch werk. Een verkeerde aanname over bijvoorbeeld de kans op zenuwherstel of je verdiencapaciteit kan een groot verschil maken. Laat dit daarom altijd door een letselschade-expert onderbouwen. Meer over de schadeposten vind je bij schadevergoeding.
Smartengeld bij blijvend bovenarmletsel
Naast je materiële schade heb je recht op smartengeld: een vergoeding voor de pijn, het verdriet en het verlies aan levensvreugde (artikel 6:106 BW). Bij blijvend bovenarmletsel telt vooral mee dat je een arm die je continu gebruikt niet meer volledig kunt inzetten: het beperkt je werk, je hobby’s en je zelfstandigheid, en gaat vaak gepaard met chronische pijn of blijvende zenuwuitval. De hoogte hangt af van de ernst van de bewegingsbeperking en het krachtverlies, of er blijvende zenuwschade is, je leeftijd en de invloed op je dagelijks leven. Hoe smartengeld bij dit letsel wordt bepaald, lees je uitgebreid op onze pagina over smartengeld bij bovenarmletsel en in het algemene overzicht over smartengeld. Verzin zelf geen bedrag: laat het onderbouwen aan de hand van vergelijkbare zaken.
Wie is aansprakelijk voor je bovenarmletsel?
Om je schade te verhalen moet een ander verantwoordelijk zijn. Bij bovenarmletsel speelt aansprakelijkheid onder meer bij:
- een verkeersongeval — een val van de fiets of scooter waarbij je op je arm of schouder terechtkomt; voor zwakke verkeersdeelnemers geldt een beschermende regeling (artikel 185 WVW);
- een bedrijfsongeval, zoals een val van een ladder of een ongeval met een machine, waarbij de werkgever een zorgplicht heeft (artikel 7:658 BW);
- een val over een gebrekkig trottoir, losse stoeptegel of ongemarkeerd obstakel, waarvoor de beheerder aansprakelijk kan zijn;
- een ongeval met een dier, bijvoorbeeld doordat je ten val komt (artikel 6:179 BW);
- een medische fout bij de operatie of behandeling van de bovenarm.
De officiële wetsteksten vind je op wetten.overheid.nl.
Eerlijke aanbeveling
Heb je een lichte kneuzing of een eenvoudige breuk van de bovenarm gehad die volledig is genezen, zonder blijvende beperking, krachtverlies of pijn? Dan heb je waarschijnlijk geen langdurig traject en geen letselschadebedrijf nodig; een eenvoudige afwikkeling kan volstaan. Maar zodra er sprake is van blijvend letsel — een blijvende bewegingsbeperking van schouder of elleboog, krachtverlies of zenuwuitval — wordt de zaak snel te complex om zelf te regelen. De toekomstschade, het onzekere zenuwherstel en de kapitalisatie zijn dan te ingrijpend en te definitief om aan het inschatten van een verzekeraar over te laten. Laat je in dat geval bijstaan door een gespecialiseerde letselschade advocaat of letselschadejurist.
Wil je weten waar jij staat? Plan een gratis adviesgesprek of vraag direct een gratis intake aan. We beoordelen je zaak kosteloos, bewaken je eindtoestand en berekenen je volledige schade — inclusief de toekomst.
Veelgestelde vragen
Van blijvend letsel spreek je wanneer je na het bovenarmletsel gevolgen houdt die niet meer verbeteren en een medische eindtoestand is bereikt. Denk aan een schouder of elleboog die niet meer volledig beweegt, blijvend krachtverlies of zenuwuitval in hand en pols.
Ja. Bij een bovenarmbreuk kan een van de armzenuwen beschadigd raken. Zenuwherstel verloopt traag en onvoorspelbaar: soms herstelt de zenuw deels, soms helemaal niet. Daarom wordt de zaak pas afgewikkeld als duidelijk is wat er blijvend overblijft.
Toekomstschade is alle schade die je na de afwikkeling nog oploopt, zoals toekomstige operaties, blijvende fysiotherapie, hulpmiddelen, huishoudelijke hulp en verlies aan verdienvermogen. Die schade wordt gekapitaliseerd naar één bedrag ineens.
Revalidatie kost maanden en zenuwherstel is onzeker. Sluit je te vroeg af, dan worden latere ingrepen of blijvende uitval mogelijk niet meer vergoed. Wacht daarom tot de medische eindtoestand vaststaat.
Een onafhankelijke medisch specialist meet in de eindsituatie hoeveel je schouder en elleboog nog bewegen en onderzoekt kracht en gevoel in de hand. De blijvende beperking wordt uitgedrukt in een percentage functieverlies aan de hand van erkende richtlijnen. Een letselschadejurist vertaalt dat naar je concrete schade.
In een verhaalbare zaak betaalt de aansprakelijke verzekeraar ook jouw redelijke kosten voor rechtsbijstand (artikel 6:96 lid 2 BW). Je betaalt voor onze hulp dan niets; wij werken 100% betaald door de verzekeraar.
Letsel opgelopen door een ander?
Vraag een gratis intake aan. Wij beoordelen je zaak kosteloos en claimen je maximale schadevergoeding.
Gratis intake aanvragen